Op Art Amsterdam (2009) lag bij de uitgang een stapel kaartjes van Annelou van Griensven.
Zeven foto’s met een elastiekje erom, op elke foto een ding: een pen, een klok, een badmat, een jas, een kop en schotel. Allemaal in huiselijke sfeer gefotografeerd. Allemaal met mondriaanprint. Op de website die erbij hoort staat dat mondriaanliefhebbers vaak meer dan alleen een klok of mok in huis hebben. Mooi geformuleerd. Mooi gefotografeerd (zorgvuldige composities). Daarna deed ze er een elastiekje om. En lag Every-Day-Mondriaan op de kunstbeurs.
Toen ik het stapeltje foto’s in mijn tas wilde stoppen vroeg de jongen die er bij stond of ik wel echt geïnteresseerd was. (Ik wekte de indruk het stapeltje onbekeken weg te gooien, samen met andere Art-Amsterdam-flyers, of er was iets anders aan de hand.) Annelou van Griensven had de foto’s zelf geprint, zei de jongen.
Een enorme verantwoordelijkheid ineens, die mondriaanprentjes. (Kleurenprinter. Lekkend dak. Droog brood. Zolderkamertje.) Was ik echt geïnteresseerd? Ik nam me voor die vraag nooit aan een ander te stellen, of ’m anders te stellen. Goede vraag dus.
Buiten hingen de foto’s in het groot, tegen houten schuttingen.